Schrijfmarathon 2017: Ronde 5

In de vorige vier rondes van de Schrijfmarathon 2017 waren de opdrachten van zo opgesteld dat de deelnemers binnen bepaalde kaders moesten schrijven. In deze ronde hadden de auteurs iets meer vrijheid.

De opdracht was:

Schrijf een erotisch verhaal vanuit het perspectief van een toevallige voorbijganger.

Maak hierbij gebruik van de ‘show don’t tell techniek‘ zoals beschreven op onze website.

Jouw verhaal is maximaal 400 woorden, exclusief een titel van minimaal twee en maximaal vier woorden.

Negentien van de twintig deelnemers hebben deze opdracht ingeleverd. Helaas moest Lucy zich wegens persoonlijke omstandigheden onttrekken van de Schrijfmarathon.

De teksten van de deelnemers zijn anoniem en in willekeurige volgorde geplaatst.

Lees alle teksten en stem dan op de 3 verhalen die jou het meest aanspreken. Je kunt niet op meer dan 3 stukken stemmen, maar ook niet op minder. Vergeet niet om op de knop ‘Finish Survey’ te klikken als jij jouw drie keuzes hebt aangevinkt.

Deelnemers mogen niet bekend maken welke tekst ze geschreven hebben.

Per persoon mag maar 1 keer gestemd worden.

De stemronde sluit op vrijdag, 5 mei 2017 om 23.45u.

Bij het bekend maken van de uitslag van deze stemronde, vertellen we ook welke tekst van welke deelnemer is.

Veel leesplezier!

Bron foto

© EWA Nederland


1) Littlewood’s Law

Fletse zonnestralen verdrijven slechts langzaam de mist. Mijn schoenen knarsen op de kiezels van het kerkhofpad, en de ochtendkilte versteent de sporen van zwarte dromen in mijn hoofd. Ik denk aan Littlewood’s Law.

Premisse: Gemiddeld is één op de miljoen gebeurtenissen een wonder.

Sinds het ongeluk heeft de maan de aarde één keer omcirkeld. Keer op keer dicteert de pijn me naar Sophia’s graf, en telkens lokt de troostbelofte van alcohol me weer snel daar weg. Als ik zo doorga, hoor ik binnenkort bij de permanente bewoners van deze plek. Verderop staat een groep mensen bij elkaar rondom een verse wond in de aarde. Mijn kiezelknarsen stopt en ik luister naar het geluid van verdriet. Een snik. De woorden van de priester. Loodzware leegte. De rook van mijn sigaret danst als een geest in de ijle lucht. Ik vervolg mijn weg.

Premisse: Een mens is gemiddeld gedurende acht uur per dag wakker en maakt dan iedere seconde een gebeurtenis mee.

Het zijn niet de stenen doodsengelen aan weerszijden van het grote familiegraf die me tegenhouden, maar de geluiden die door de geopende deur naar buiten zweven. Ik kan de verleiding niet weerstaan en werp een blik naar binnen.
Een man en een vrouw. Zwarte rouwkleding die haastig en hoognodig opzij is geschoven voor de naaktheid van heimelijke passie. Zij ligt op haar rug op het kleine altaar, haar borsten ontbloot. Hij knielt voor haar, heeft zijn handen op de onderkant van haar dijen en dwingt haar gekouste benen omhoog naar de hemel. Haar zwarte kanten slipje is op kniehoogte gespannen; het dwingt haar benen dichter bij elkaar dan ze eigenlijk wil. Ik zie haar natte glinstering.
“Geduld. Nog even, dan mag je ze spreiden.”
Zijn stem sterft in de klamheid van de oude muren, zijn tong spreekt nu. Ze laat hem toe, werpt haar hoofd met een kreet naar achteren en kromt haar rug tot een sierlijke brug van genot. Hier, in het huis van de dood, wordt levenslust herboren. Als de goden ons verlaten is er geen andere keuze dan overvloedig te offeren aan het leven.
Ik laat hen achter, verlaat het kerkhof en denk aan Littlewood’s conclusie.

Je mag gemiddeld iedere vijf weken een wonder verwachten.

Een maand geleden brak een klap van staal en aluminium Sophia’s lichaam. Ik geef Littlewood het voordeel van de twijfel. Nog een week overleven, dan wordt alles beter.


2) Vroege thuiskomst

Foei! Dat was op het nippertje! Boven mij hoor ik hun stemmen.

“Dag liefje van me. Ben je hier? Ik zocht je al. Waarom lig je hier, schatje?”
“Hoi, lieverd. Gewoon, ik ben een beetje moe.”
“Je ligt al even zeker, als ik je haar zo zie?”
“Ach… ’t kan soms zomaar opeens opkomen hè… Maar uh…. Ik had jou nog lang niet thuis verwacht. Is er iets gebeurd?”
“Oh nee hoor, niets spannends. Was het even helemaal zat op mijn werk. De rest van de dag heb ik vrij genomen om lekker bij jou te zijn.”
“Oooh, ècht?! Vast niet de hele middag.”
“Oh, jawel! Da’s een verrassing hè? Ik denk dat ik me zo maar uitkleed en lekker bij je kom liggen.”

Een onhoorbare zucht ontsnapt aan mijn lippen. Als er iets is wat nou net niet moet gebeuren, is het dat ze bij elkaar in bed kruipen.

“Oh… Fijn.”
“Wat is er met je, schatje?”
“Nou… Gisteravond kwam je ook naast me liggen, maar er gebeurde weer mooi niks.”
“Ik zal mijn handen vandaag niet thuishouden, okay?”
“Graag, want ik ben al behoorlijk geil weet je.”
“Hmmm, geil en naakt in bed. Tref ik het even. ”
“Voel maar eens hoe nat ik ben.”
“Zo, schatje! Heb ik dat teweeggebracht? Dat vraagt om drastische maatregelen. Die lekkage moet gestopt worden, liefste, met een plug van formaat. Ha, ha, ha!”
“Kom je op me liggen dan? Ik wil dat je me diep en hard neemt.”

Nu kreun ik bijna hardop. In hemelsnaam! Niet gaan liggen wippen jullie tweeën! Ik heb het hier al benauwd genoeg.

“Goed plan, lieve lekkere geile schat van me. Trouwens, nou ik het toch over een lekkage heb; is de loodgieter vanochtend nog langs geweest?”


3) Een keurige mevrouw

Voorbij de langsflitsende betonpalen, reizen frisgroene weilanden in de verte kortstondig met me mee.
‘Het was ook lente toen ik mijn grote liefde ontmoette. Ach, zo’n mooie tijd,’ zegt de dame tegenover me.
‘Een prachtig seizoen om een liefde te vinden,’ antwoord ik beleefd.
‘Hij was niet mijn eerste hoor, ik was nogal wild, maar wel mijn eerste líefde. Dat heb ik Karel natuurlijk nooit verteld.’
Ze heeft rimpeltjes om haar keurig gestifte lippen en draagt een chanel-achtig mantelpakje; ik kan me bij haar niets ‘wilds’ voorstellen.
‘Iedereen maakt wel een wildere periode mee,’ zeg ik, ‘dat is tegenwoordig heel normaal.’
‘In mijn tijd was dat niet anders. Maar alles moest stiekem, op de achterbank van een auto ofzo.’
Ze giechelt bij de herinnering.
Nieuwsgierig vraag ik hoe dat met Karel ging.
‘Karel was een briljante wiskundestudent, ik serveerster in de mensa. Na een paar weken gingen we wandelen, precies in zo’n weiland als dát. We liepen hand-in-hand en hij vroeg of ik wilde zoenen. Niemand had dat ooit gevraagd hè, dat was nieuw.’
‘En toen?’ wilde ik weten.
‘Dolverliefd lagen we in het gras en hij kuste me overal, zo onder de blauwe lucht.’
Samenzweerderig voegde ze toe: ‘O-ver-al hè! Ik had nog nooit mannenlippen op mijn…vrouwendelen…gevoeld, ik was in de zevende hemel!’
We blozen tegelijkertijd, geprikkeld door het beeld dat we nu allebei voor ons zien.

‘Bent u met hem getrouwd?’ Ik wilde niet dat het verhaal zou eindigen.
‘Kind, het was begin jaren zestig. Wiskundestudenten trouwden niet serveerstertjes,’ zegt ze weemoedig.
‘Wat erg! Zag u hem dan nooit meer?’
‘Een heerlijke lente lang hebben wij in dat gras gelegen. Hij heeft me ontmaagd, niet lichamelijk hoor, meer in lustelijke zin. Ik vond seks heerlijk, maar wist niet eens dat vrouwen konden klaarkomen. Door Karel ontdekte ik een nieuwe wereld. Ik ben nooit vergeten hoe dol ik was op zijn ‘mannelijkheid’. Zo fier en strak,’ fluistert ze. Zich plotseling bewust dat het een vreemd treingesprek is voor volslagen onbekenden, zwijgt ze verder. Voor ze uitstapt kust ze me op mijn wang.

Doezelend zie ik ze voor me in dat weiland. Ik moet telkens denken aan zijn fiere mannelijkheid, die hij haar keurige lippen aanbiedt. Gedachten aan haar tong, vochtig cirkelend langs de top, en een rode lippenstiftrand op zijn schacht laten me niet meer los.
Lopend naar mijn lief vanaf het station, geurt het lentegras me uitnodigend tegemoet.


4) Dagen als deze

Er was iets vreselijks pervers aan mijn liefde voor sombere en regenachtige dagen. Misschien kwam het wel door de lege straten, stille parken en verlaten winkels. Of waren het de spreeuwen die in kaal wordende bomen elkaar toe kwetterden in hun strijd om glibberige insecten.

Ik kon het niet met zekerheid zeggen, het had namelijk net zo goed de wind kunnen zijn. De levendige wind die klopte op natgeregende ramen en snel weer verdween achter toren hoge flats. Wat het ook was, het was een deel van mij. Al toen ik een klein meisje was kon ik uren naar buiten staren om te zien hoe stervende bladeren met hun onverhoedse nauwkeurigheid neerdaalden op koude, vochtige klinkers. En ik had het vandaag de dag nog steeds, als er dikke druppels regen aan zaten te komen en je ze kon ruiken in de lucht. Op dat soort dagen zat ik het liefst op oude witte, wankele bankjes, die op hun beurt weer stonden op weidse en tochtige plantsoenen. Het had iets romantisch zo’n bankje en voor heel even leek mijn fijne kleine wereldje dan hemels breed. En het was op zo’n dag dat ik ze zag, verscholen onder een donker zwarte hemel en vrij gewaand van nieuwsgierige ogen. Een ontmoeting tussen twee geliefde vol van passie maar zichtbaar gedreven door een onderhuidse angst. Hij zoende zijn lippen, ruw en vastberaden. Ik keek toe hoe de kleinste van de twee smolt op zijn lippen. Ze lieten zich niet afleiden en ik wist zeker dat dit was hoe liefde er uit moest zien op donkere dagen.

Trillende handen verdwenen in elkaars broek. En ook al kon ik hun kreunen vanaf mij witte wankele bankje niet horen, de wind zorgde er wel voor dat het geheim van hun genot mij werd toegefluisterd. Het onbereikbare en ongrijpbare deed mij verlangen naar het moois dat ik aanschouwde. Nooit eerder zag ik de opwinding van twee mannen en waarschijnlijk hadden ze mij daar niet eens zien zitten maar hun overduidelijke lust was voelbaar tot in mijn eigen onderbuik. Het overviel me en maakte me onzeker.

Het geblaf van een grote zwarte zwerf hond verbrak mijn gedachtegangen, zijn modderige poten trapte regenwater en dorre bladeren in de lucht toen hij weer verdween. De voetafdrukken van twee geliefde mee gespoeld. Hopeloos verward, verliefd op hun schouwspel, bleef ik achter.


5) Op de rand

Waar ik ben geweest vallen tranen. Soms is er opluchting, maar het is nooit zonder verdriet.
Ik ben ergens omdat ik er moet zijn. Er zijn maar zeer weinig uitzonderingen en als die zich voordoen, keer ik onbemerkt op mijn schreden terug. Zo’n samenloop wordt door anderen dankbaar geluk of toeval genoemd. Het is niet aan mij daarover oordelen te hebben. Het is mijn taak degene voor wie ik kom niet uit het oog te verliezen. Als ik wat vroeg ben, wacht ik discreet.

Ik heb mij in een luxe, zacht lederen fauteuil genesteld. Vanaf de tweeënveertigste verdieping kijk ik neer op de stad. Het uitzicht is adembenemend en het bewegelijke leven onder mij is fascinerend als vuur. Plotseling wordt mijn aandacht onderbroken door het geluid van een openspringend slot en richt ik mijn hoofd op.
In het licht van de achterliggende gang ontwaar ik het silhouet van twee figuren die verstrengeld de nog duistere ruimte binnen tuimelen.

Alleen van de man waarvoor ik hier ben, weet ik iets. De ander lijkt ook een vijftiger. Hij trekt zijn gezelschap naar binnen.
“Kom hier, bitch!” lacht hij, de deur achter zich dicht schoppend. Dan legt hij zijn hand in de nek van de ander.
“Weet je het nog, vijfendertig jaar geleden, ’s avonds in het fietsenhok achter het schoolgebouw.”
Zijn vriend knikt.
“Ja, alsof het gisteren was. Heb jij het ooit nog gedaan?”
“Nee, keurig getrouwd, je kent het wel. Jij?”
Zonder het antwoord af te wachten ritst hij zijn gulp open.
“Ons geheim,” mompelt hij en reikt in zijn broek.
“Benieuwd of je er nog leven in krijgt.”
De vriend zakt glimlachend door de knieën en omvat het half gezwollen lid dat hem aangeboden wordt.
“Vast. Ik zal je een petite mort geven.”
Dikke ademhalingen beginnen de ruimte te vullen.

“Voel jij die kou ook?” vraagt de gehurkte man en grijpt naar zijn borst. Ik kom overeind uit de fauteuil op moment dat hij voorover valt. Over enkele ogenblikken zal hij kennismaken met mij.
Dan reageert zijn vriend alert, draait hem razendsnel op de rug en frommelt uit zijn eigen binnenzak een mobiel. Met twee vingers voelt hij de pols, terwijl hij met zijn andere hand een nummer intoetst. De handelingen zijn kalm en deskundig als hij de reanimatie begint.
Door de speaker wordt bevestigd dat er een ambulance rijdt.

Ik ben niet meer nodig en verdwijn.


6) Wandeling in de nacht

Met een boog vliegt de steen voor hem uit. Hij heeft de slaap niet kunnen vatten. Nu loopt hij net als gisteren en eergisteren in de nacht door de stad. De kou bijt in zijn nek. ‘Waarom heeft hij geen das omgedaan?’ De snijdende wind ontwijkend slaat hij deze keer in links af. De ramen in de straat zijn donker behalve het huis op de hoek. Dat raam straalt warmte uit en trekt aan hem als een magneet. De net niet gesloten gordijnen gunnen hem een blik in een schaars verlichtte huiskamer.
Ineens schiet zijn hartslag omhoog. Hij kan amper geloven dat hij dit ziet. In de huiskamer ligt een vrouw op een salontafel. Haar lichaam glanst in het kaarslicht alsof ze ingewreven is met olie. Twee mannen strelen haar en ze geniet zichtbaar van deze aandacht. Hij voelt het bloed door zijn aderen pompen. Hij voelt hoe zijn kleding zich spant om zijn kloppende erectie die als bij toverslag is verschenen.
De mannen, die ook naakt zijn, glijden met hun naakte lijven over de vrouw heen. Een van hen plaatst zich tussen haar benen en glijd bij de vrouw naar binnen. Haar kreunen vullen de ruimte en hij hoort de man hijgen. De andere man vult haar mond.
Hij kijkt om zich heen of er nog andere mensen op straat zijn. Zijn hand glijdt over de kloppende bult in zijn broek. De vrouw kronkelt tussen de twee genietende mannen in en ze spoort ze met haar bewegingen aan om sneller te stoten.
Voorzichtig laat hij zijn hand in zijn broek glijden. Genietend van zijn eigen aanraking sluit hij even zijn ogen. Als hij ze weer opent is een van de mannen verdwenen.
Opeens voelt hij dat er iemand naast hem staat. De schrik slaat hem om het hart. Als hij kijkt staat de man die net nog binnen was naast hem. Hij draagt een badjas die aan de voorzijde niet gesloten is. Zijn hand omvat zijn glanzende erectie. De man gaat naast hem staan, knipoogt naar hem en begint zichzelf af te trekken terwijl hij door het raam naar binnen kijkt. Met een kreun komt de man klaar terwijl hij dikke klodders op het raam spuit.
Nagenietend kijkt de man hem aan. “Kom ik zal je aan mijn vrouw voorstellen. Dat zal ze heerlijk vinden.” Vol verwachting loopt hij mee en sluit hij de deur achter zich.


7) As Time Goes By

De sigaret bungelt in de mondhoek van de voorbijganger. Het wit van zijn oog is geel, de pupil verwijd, het rood doorlopen. Hij wandelt over de stenen brug, wetend dat zijn leven inwisselbaar is met dat van de voorbijgangers die hem hier voorgingen. Een koude rilling trekt over zijn rug wanneer hij de streling van hun schaduw voelt.

Een straatlantaarn brandt gele gaten in de mist en twee gestalten doemen op aan de reling van de brug. De voorbijganger vertraagt zijn tred. Vanonder zijn donkere hoed tuurt hij naar een meisje dat een infanterist pijpt. Zij is jong, een leerling-verpleegster misschien. Een enorme soldatenlul hangt uit de gulp van zijn donkerblauwe uniform, het lid richt zich onweerstaanbaar op. Het rekt zich lui uit, vult zich rustig met zijn bloed in het lome ritme van haar zuigende mond. De groene ogen van het meisje schitteren als ze de voorbijganger aankijkt: glijdend met haar mond, draaiend met haar tong, zijn ballen zachtjes wrijvend met haar hand. Haar halflange zakkrabbelende nagels betoveren de soldaat, met haar zorgzame geilheid heeft zij de reus getemd.

Voelt dit meisje het hart van de soldaat al kloppen in haar mond? Datgene wat de voorbijganger niet ziet kleurt hij later met vermoedens in: De samengetrokken ballen, de witte klodders op haar kin, het zaad dat vast bleef plakken aan haar ring. De zoete geur van regen in haar haar, de stank van sigaretten in zijn ruwe, onbeholpen vuist. Het parfum dat zij vanavond draagt en dat hij zal blijven ruiken zolang hij leeft.

De voorbijganger passeert hen met gespeelde onverschilligheid, stamelt een verontschuldigende groet in het voorbijgaan. Dan kijkt hij nog eenmaal om naar de man en het meisje. Elke avond vereeuwigd en verstrengeld in opeenvolgende verschijningen onder lantaarns op oude bruggen. Een straatmuzikant speelt ‘As time goes by‘ op een gedeukte saxofoon; met elke aarzelende noot stelt hij een vraag aan de luisterende voorbijganger. Het antwoord is allang gegeven en ligt ergens tussen de achteloos geworpen munten onderin zijn zwarte open kist.

Wanneer de voorbijganger thuiskomt verhangt hij zich op de zolder van zijn hospita aan een balk. Zijn levenloze lid staat er ferm van overeind in de plooien van zijn broek. De voorbijganger is een metafoor, alleen staat hij nergens meer voor. Hij doet niet meer mee, blijft nergens meer staan. Zijn lot was enkel om voorbij te gaan.


8) Genotvolle maan

Ze oogt jong, zoals ik ooit was. Op en top vrouw, tegelijk ondeugend meisjesachtig. Haar korte rokje wappert in de wind en haar rondingen deinen vrijelijk onder de stof van haar strapless topje. Ze draait zich om en zwaait. Ik volg haar blik. Aan de rand van het terras zit een man. In het licht van de maan heeft zijn donkere huid een bijna blauwe gloed. Hij nipt van een poppenkopje en volgt de bewegingen van de vrouw. Heupwiegend komt ze naar hem toe. Ze buigt over hem heen en gaat met haar tong langs haar tanden. Haar handen liggen hoog op zijn bovenbenen. Strelend spelen zijn vingers met de stof van haar rokje en de huid eronder. Lachend huppelt ze bij hem weg. Hij volgt haar, ik volg beiden.

Bij de ingang van het park duwt hij haar tegen het smeedijzeren hek. Hij geeft een ruk aan het topje en ontbloot haar borsten. Met één hand stroopt hij haar rokje omhoog. Bleekroze kantwerk omvat haar gebruinde billen. Ik hoor de stof scheuren wanneer hij het van haar huid trekt. In een rommelig hoopje valt het kant aan haar voeten. Langzaam gaat hij door zijn knieën. Hij legt haar been over zijn schouder en begraaft zijn gezicht tussen haar dijen. Ze grijpt zich vast aan de spijlen van het hek en komt ritmisch de bewegingen van zijn hoofd tegemoet. In mijn buik roeren zich hete kronkels.

Met een luide grom maakt de man zich van haar los. Hij komt omhoog, pakt haar hand en trekt haar dieper het park in. Haar hese lach verdwijnt in de schaduw van de bomen. Mijn aandacht wordt gevangen door zacht geritsel aan de andere kant van het hek. Achter een struik staat een vrouw. De volle maan weerspiegelt in haar fonkelende ogen. Aandachtig lees ik haar, verlegen laat zij zich lezen. Het kloppende bloed tussen mijn dijen verjaagt mijn aarzeling en terwijl ik naar haar toe loop, knoop ik langzaam mijn blouse los. Haar blik wordt wazig wanneer ik mijn lippen gulzig op die van haar duw en mijn handen onder haar zomerse jurk laat glijden. Traag beroert ze de naakte huid van mijn borsten. Voorzichtig bijt ik in haar onderlip. Haar zucht eindigt trillend in mijn mond. Uit de duisternis van het park komen hoge kreetjes van genot onze kant op waaien.


9) Buiten de eindeloze zee

Bovenop dek trotseer ik de kou. Toch naar beneden.
“Is deze plaats vrij?”
Ze kijkt op van haar werk. Bijna verborgen in een bontkraag. Corrigeert een rapport. Strak, door het montuur. Ik voel meteen mijn maag: de Spanning van het Avontuur. Maar ook verlegenheid.
Een stem roept om “Willen alle chauffeurs…”
Zij staat ook op. Ik ben te laat! Zie dan haar kaartje liggen. Geluk! Ik ruik. Mijn maag springt op. Haar geur! Maar buiten is ze weg.

Mijn gedachten tuimelen. Durf ik dit. Pak mijn telefoon en leg ‘em weer weg.
Toch.
“Jouw blik ontregelde me.” Sent.

“Jouw schaduw verspreid zich in je kamer.
Je benen mooi op hakken. Elegant.
Je verdwaald, wanneer je verder leest.
Nog even.
Laat me nog even dromen.”
Sent.

Ik neem me voor haar eerst te laten. Loop door de stevige wind naar het strand.
Red het niet: pak mijn telefoon tijdens het biertje. De wind giert ondertussen buiten.
“Laat me knoopje voor knoopje
achter adem raken
wanneer ik jouw silhouet streel.
Ik speel onze prelude,
voel mijn handen, mijn tong, achterin je nek.
Tenslotte valt jouw rok.
Pakt mijn hand jouw rug,
sterk maar teder,
stevig dwingend,
mannelijk.
Eindelijk.
Na zoveel tijd,
Sluit je je ogen,
als ik je eindeloos zacht til.
Je weer laat je zakken.
Veilig.”
Sent.

Mijn mobiel gaat. Ik schrik terwijl ik tegelijk glimlach. Zij!
“Waar?” Shit! Echt! Ik kijk weer.
“Boulevardweg 2, 20.00 uur.” Ik loop te zweven. Jezus. Jezus…

Klop op de deur. Met de wind komt haar geur binnen.
Bedwelmend. Stoer elegant buig ik haar binnen.
Rakelings loopt ze langs. Haar lijnen zichtbaar onder de satijnen inkijk. De jas is uit.
Ze kijkt me nu vol aan.
“Hier ben ik. Dat wil je toch!”
Voordat ik de kans krijg reikt ze naar voren. Vloeiend.
Hongerig, gulzig. Aanraking, blouse, sluiting, haren, handen, tillen, verstrengelen, zuchten…
Tot we opeens kijken. Intens. We zakken. Verdieping. En opeens weer simultaan, met grote slokken, pakken, nemen, kreunen. Er springen vonken van elektrisch geladen onbekendheid.

De wind zucht, brengt kou mee van buiten.
Ik weet opeens dat je er bent.
Voel je. Mijn hart springt op.
“Dit is N” en kijk naar jou met een glimlach.
Nog voordat onze gast bekomen is, schuif je dichterbij.
Vanzelfsprekend. Passend. Jouw schoonheid prikkelt haar. Ze aarzelt. Even.
Ik lach. Jij durft. Nieuw avontuur. Voor drie.

Buiten raast de wind. Binnen golft onze zee.


10) Zomers geluk

Als ik op afstand een significant kleurverschil opmerk tussen lijf en benen van een tegemoetkomende fietser, vertraag ik mijn pas. Dichterbij gekomen wordt duidelijk dat de waargenomen schakering niet bepaald wordt door de tint van een lange broek, maar door die van lange, onverhulde benen die onder een kort zomerjurkje de trappers doen bewegen. De naderende jonge dame doet daarbij geen enkele moeite om het ontstaan van de repeterende geometrische vorm te verbergen.

Hoewel je in dit geval het beste zou kunnen spreken van een gelijkbenige driehoek, moet er een kort moment ook van een gelijkzijdige sprake zijn en wel op het moment dat de trappers zich op exact dezelfde hoogte bevinden. Theoretisch is dat ook het enige moment om te kunnen vaststellen welke kleur slip zij draagt. De gedachte dat op deze zomerse dag het zou kunnen zijn dat de wrijving op die plek niet gehinderd wordt door enkele centimeters stof in welke vorm dan ook, laat mij met een licht schokkende beweging voelen dat ik een seksueel wezen ben. Mijn netvlies wordt gevuld met het beeld van haar schaamlippen die vrijuit bewegen en zich ontplooien naar de tegendruk van het zadel. De gedachte hoe het voelt als dit vlees zich rond mijn geslacht zou vormen, zorgt voor een verdergaande verheffing in mijn schaamstreek.

De paar meter die ons nog scheiden, overbrugt ze door mij recht in de ogen te kijken. Ik vang haar blik, trek mijn wenkbrauwen omhoog en focus weer snel op de onrustige driehoek.
“God, wat een vrouw, een geschenk” mompel ik voor me uit. Ik bevochtig mijn lippen en knipper met mijn ogen.

Mijn blik hecht zich nog eenmaal aan haar ypsilon, maar het blijft ongewis of en waarmee haar venusheuvel is bedekt. Haar trappende verschijning glijdt aan mij voorbij en verrijkt mijn brein met de noten van haar parfum. Ik kijk niet om maar draag de beelden en haar geur met me mee. Het geluksgevoel zet een viertal spieren aan het werk, die mijn mondhoeken opzij trekken, mijn lippen optillen en rimpeltjes naast mijn verzadigde ogen veroorzaken.

Ik concludeer dat het leven verrukkelijker is als je de fietsers tegemoet loopt. Voortaan loop ik, zeker in de zomer, links.


11) Een rookpauze

Hij sloot zijn ogen. De herinneringen aan de vorige dag kwamen weer naar boven. In gedachten liep hij dezelfde route in het bos tot hij bij dat ene punt uit kwam. De bebossing was hier dichter dan in de andere delen van het bos. De vogels floten vrolijk en door een zachte bries hoorde je de bladeren aan de bomen bewegen. Maar er was ook een geluid dat niet thuis hoorde in het bos. Nieuwsgierig geworden liep hij op het geluid af.
Eenmaal door het diepste gedeelte van het bos gekomen werd de begroeiing minder. Een stukje verderop kon hij een open grasveldje zien. In het midden van het veldje lag een kleedje. De zon scheen er vol op. Er lag een man op het kleedje te genieten van de zon. Er kringelde rook omhoog van de sigaret in zijn hand. Naast hem lag een jonge blonde vrouw. Het enige wat hij kon zien was haar gezicht en haar benen. De rest was verscholen achter de man. Ze had haar ogen dicht en lag zichtbaar te genieten van de zon. De hand van de man lag op het been van de vrouw en streelde deze. Langzame bewegingen die steeds iets hoger gingen. Bij elke streling bewoog zij haar bekken omhoog. Ze boog haar middenlijf naar boven door haar hakken in de grond te duwen. Haar handen gingen naar haar middel en snel verdween haar roze slip. De sigaret was op en de hand waar hij hem mee vast gehouden had verdween onder haar shirtje. Hij kon zien dat de man haar borsten masseerde. Zijn andere hand stopte met strelen en bleef stil liggen. De vrouw werd ongeduldig en duwde haar bekken steviger omhoog. De man genoot zichtbaar van haar ongeduld. Zijn beide handen lagen stil maar toch spande haar lijf zich af en toe heftig samen, als door een speld geprikt. De hand op haar been begon langzame stotende bewegingen te maken. Vanaf een afstandje kon hij haar nu duidelijk horen kreunen. De stotende bewegingen werden sneller en krachtiger en ze duwde haar heupen steeds sneller en harder omhoog. Haar kreunen overstemde de vogels. Ze duwde een laatste keer haar heupen omhoog en hield ze daar een paar tellen. Haar lichaam verkrampte en zakte in elkaar. Het laatste wat hij zag was dat de man een sigaret pakte en deze aanstak. Rustig kringelde de rook omhoog.


12) Ter Navolging, Tiel.

‘Ter Navolging’ stond op de boog boven het hek waar mijn zwart gelokte Theo zich om klokslag twaalf overheen slingerde.
‘Één mei, je bent jarig, gefeliciteerd!’ hij kuste me tussen de spijlen bij iedere volgende klokslag tot ik bij de twaalfde mijn nagels over de harde bobbel in zijn jeans haalde.
‘Oh, kleine heks’ kreunde hij ‘bange feeks, loop lekker om, ik lig zo voor je klaar tussen de kaarsjes in bed met champagne!’ en hij verdween tussen de zerken op zijn fluorescerende groene sneakers
Huiverend liep ik langs het kerkhof. ’s Nachts ging ik daar echt niet overheen om een paar minuten af te snijden. Wolken joegen voor de volle maan langs, bij elk vreemd geluid trok ik mijn schouders iets hoger op, liep iets sneller, totdat ik bijna rennend bij Theo’s deur kwam. Op slot. Ik wachtte 5 minuten, toen, aarzelend, ging ik terug. Om de paar meter keek ik door het hek. Eindelijk, vlakbij de poort hoorde ik zangerig kattengejammer. Struikelend door de struiken klampte ik me vast aan de spijlen. De wolken verdwenen voor de maan.
Bovenop een hoge grafsteen zag ik groen fluorescerende schoenzolen. Daarachter keek ik recht in het gezicht van een roodharige furie. Met haar knieën op Theo’s schouders bereed ze zijn gezicht. Ernaast stond een krom oud wijf met sliertig grijs haar dat zich steeds verder voorover boog.
Mijn Theo lag half ontkleed op het graf, de twee vrouwen waren naakt! De furie op zijn gezicht hief haar borsten omhoog en mauwde extatisch naar de maan, het oude wijf nam zijn enorme erectie steeds weer en steeds verder in haar mond tot hij helemaal in haar keel was verdwenen. Triomfantelijk spreidde ze haar armen, Theo’s rug kromde, zijn ledematen bewogen spastisch. Ze ging staan, kneep de laatste druppels zaad uit zijn verslappende lid en likte haar vingers af. Voor mijn ogen werd haar hangende buik stevig, werden haar lege borsten rond en haar grijze haar weelderig en blond. De vrouwen dansten weg van het graf waar een gekromde schaduw achterbleef
Wolken verduisterden de maan, verlamd bleef ik staan tot de poort piepend openging en ik omkeek.
Een blonde en een roodharige vrouw in bontjas kwamen giechelend uit de poort en stapten in een gereedstaande limousine.
Mijn polsen werden gegrepen, geschrokken keek ik om in Theo’s gezicht. Zijn ogen waren hol, zijn haar grijs.
Sindsdien heeft hij nooit meer een erectie gehad.


13) Verstikkende Eenzaamheid

Het is een klamme nacht. De atmosfeer zindert zwoel. In mezelf gekeerd loop ik over de galerij. Wanneer ik de sleutel in het slot steek hoor ik uit de kamer naast de mijne een traag gepiep komen. Ik open mijn kamerdeur en zet de rugtas op een stoel. Moe val ik op het bed.
Niets anders dan het trage geknerp uit de kamer naast me doorklieft de stilte van de nacht.

Onrustig begint mijn onderbuik op te spelen, het ritme van het geknerp is iets versneld, zo af en toe hoor ik een kreun. In mijn hoofd ontstaan beelden. Zweetdruppels parelen op mijn voorhoofd en onder mijn neus. Ik sta op en haal schone kleren uit mijn rugtas. In de badkamer, of wat daar voor door moet gaan, zet ik de douchekraan wagenwijd open.
Ondertussen kleed ik me uit en gooi de bezwete jeans en t-shirt in een hoek.

Het gepiep uit de aangrenzende kamer komt nu sneller achter elkaar. Af en toe klinkt gebonk en een gesmoorde kreun. Ik stap onder het stromende water. Het gebonk wordt feller. Het gekreun wordt luider. Ik zeep me in. Mijn hand blijft hangen om mijn pik. Zacht knijp ik er in, trek ik eraan. Door het gebonk en gekreun uit de aangrenzende kamer en de beelden in mijn hoofd wordt hij meteen keihard.
Ik ga mee op het ritme van mijn buren. Het gebonk versnelt, het gekreun wordt geschreeuw. Ik knijp mijn ogen dicht. Ik trek, ik schreeuw, ik spuit. Ik hijg.

Het water spoelt mijn zaad door het afvoerputje.

Veelzeggend…


14) Gevangen in een ogenblik

Er was maar een klein zuchtje wind nodig om haar rieten hoed op te tillen en weg te blazen. Hij keek naar het voorwerp en raapte het van de grond. De hoed was warm. Lag het aan de zon of aan de draagster? Hij zocht met zijn ogen en vond haar direct. Zittend op een bankje, poserend voor een straatartiest die haar tekende. Hij vroeg zich af of ze een toerist was, het moest haast wel. Toch had ze een trotse uitstraling, het zelfvertrouwen van een echte Spaanse. Hij was niet de enige die stil bleef staan om te kijken. Om hem heen stond een groep mannen, hongerige leeuwen die afkwamen op een gazelle.

Ze knipoogde naar hem. Hij zag haar schouders ontspannen nu haar bezit veilig was gesteld in zijn handen. Om de hoed zat een lint met een strik er in. Hij trok aan het uiteinde van het lint zodat de strik zich langzaam ontknoopte. De stof liet hij door zijn hand glijden. Hij snuffelde er aan, zij zag het. Ze bleef kijken terwijl hij het lint in de zak van zijn verwassen spijkerbroek verborg. Ondertussen opende zij haar benen. De stof van haar zomerjurkje bedekte haar kruis nog net, haar roomwitte dijen duidelijk zichtbaar. Zijn hand streek traag over de bolling van de hoed. Haar blik nog steeds op hem gericht, al leek ze vooral te focussen op haar hoedje.

Hij streelde de ronding van de hoed, ondersteunde haar met zijn hand en kneep daarna plagerig in het midden. Draaide er cirkels omheen met zijn wijsvinger, van grote trage cirkels naar kleine doelgerichte cirkeltjes. “Please, miss, keep still” murmelde de tekenaar. Aan hem werd niks gevraagd dus hij ging verder. De hoed gleed vanaf zijn buik een centimeter of vijftien naar beneden. Hij keek weer naar haar. De roze lippenstift die ze droeg leek wat te zijn uitgesmeerd. Ze likte haar lippen af, alsof ze een hap ergens uit had genomen en zichzelf wilde fatsoeneren. Vanaf haar voorhoofd gleed een zweetdruppel naar beneden. Hij volgde hem langs haar neus richting haar mond. Hij zag haar borsten en op en neer gaan, hij kon haar niet horen maar zou zweren dat ze hijgde. De tekenaar boog opzij waardoor hij een kort ogenblik vrij zicht kreeg op het kunstwerk in wording. Een naaktportret.


15) In het grote niets

Hij was nog geen 45 en had nu al geen zin meer in het leven. Het leven was uitzichtloos geworden nu geen werkgever hem wilde aannemen en geen vrouw interesse in hem had. Daarom doodde hij de tijd met het fantaseren over passerende vrouwen, door zich voor te stellen hoe voor hem aantrekkelijke vrouwen seks hadden. Daarvoor bestudeerde hij haar uiterlijk, taalgebruik of de manier waarop ze zich kleedde. De afmetingen van haar billen en borsten. Zelfs de manier waarop ze een kopje koffie bestelde bij het eetcafé even verderop. Hoe zag ze eruit als ze bloot was? Zou ze in de missionarishouding willen vrijen of was ze fantasierijker? Zou ze alle tijd nemen of was ze van het snelle inpakken? Was ze spontaan of moest de agenda worden getrokken? Was ze avontuurlijk of conservatief? Zou ze hem kunnen verwennen en zo ja, hoe dan? Met het geschapen beeld stapte hij de vierde dimensie in om met haar te vrijen.

Wie regelmatig in de Alphense binnenstad kwam moest hem wel opgemerkt hebben: Gezette man, kort blond haar, brildragend, bruin suède jas en spijkerbroek. Blikje frisdrank in de ene hand. Broodje in de andere. Vrijwel dagelijks zat hij urenlang voorover gebogen op een bankje op de kade. Daar, op dat pleintje. Bij de ophaalbrug, waar passerende rijnaken zich over de smalle Oude Rijn persten.

Wist hij veel dat een van de passerende vrouwen terugkeek. Goed, Susanne had wel eens mooiere mannen gezien. Aan die verlaten blik zag ze dat hij fantaseerde en dat beviel haar wel. In die fantasie wilde hem graag ontmoeten. Daarom dansten ze in haar eigen vierde dimensie over het plein. In een plotseling totaal verlaten binnenstad gaf ze hem die broodnodige warmte waar hij zo naar leek te verlangen. Tijdens het dansen lachten ze naar elkaar. De stad was even helemaal van hen alleen.

Op het moment toen hij weer zin in het leven kreeg belandde hij weer op datzelfde bankje en verdween zij in het grote niets. Hij keek haar na: Zie je wel, dat er geen vrouw was die interesse in hem had?


16) Gevrij in de alpenwei

Hij zat ontspannen tegen een boom en zijn hand gleed door haar krullen. Behalve het gekwetter van merels en het geblaat van zijn kudde, was het doodstil op de berg. De zoete geur van veldbloemen drong door in zijn neus en verdreef het penetrante luchtje van Hilde, die tegen hem aan lag.
Hoewel zijn gedachten rondzweefden, hoorde hij ineens een ondefinieerbare galm. Een geluid dat niet op zijn berg thuishoorde.
Een beetje hardhandig duwde hij Hilde opzij en kwam overeind. Zijn blik ging over de weide, het leek alsof iemand in nood was. Het jammerende gekrijs weerkaatste als een echo en hij zette zich in beweging.
Binnen enkele minuten vond hij datgene wat hij zocht en fronste.
Twee poedelnaakte mensen.
Hij herkende in een oogopslag Anneliese, zijn geil buurmeisje. Ze lonkte altijd naar hem en bezorgde hem door die wulpse blikken steeds jeuk in zijn kruis. Gelukkig was hij een slimme jongen en had de raad van zijn vader goed onthouden. Lellebellen wilden alleen je ziel en zaligheid én je zuurverdiende centen.
Anneliese en haar vrijer gingen zo op in hun bezigheid dat ze hem niet zagen en hij ze ongegeneerd gade kon slaan.
Uiteraard wist hij hoe baby’s werden gemaakt. Man stak zijn stijve leuter in een vrouw, rampetampte even, spoot zijn zaad in haar en hoppa, de klus was geklaard. Het verschilde in geen enkel opzicht met de voortplanting van zijn veestapel, maar dit was nieuw voor hem.
Het beeld dat nu op zijn netvlies verscheen was ronduit smerig. Die vent lag met zijn hoofd tussen haar benen. Zijn tong slurpend en likkend alsof ze een ijsje was en zij gilde als een mager speenvarken.
Zou hij haar te hulp schieten? Die gast zag er echter gespierd uit en hij was slechts een boerenzoon, geen held.
Jasses, Anneliese bewoog zo wild dat haar flinke uiers alle kanten op zwabberden.
Gefascineerd bleef hij kijken, maar zijn mond viel open toen zij ineens in actie kwam en haar belager vloerde. Als wraak beet ze hem stevig in zijn jongeheer.
Goeie genade. Hij moest er niet aan denken dat ze dat bij hem zou doen en greep beschermend zijn kruis vast.
Een duwtje tegen zijn rug was voldoende om zijn aandacht af te leiden. Hij keek liefdevol naar Hilde.
‘Ik ben toch zó blij met jou.’
En terwijl hij weer naar de boom liep, huppelde Hilde vrolijk blatend achter hem aan.


17) De luistervink

“Hier, Boris”, roept Stefan. Hij is ’s avonds altijd de pineut om hem uit te laten. “Klote weer ook altijd”. Hij loopt mokkend door de regen met de hond die zijn kinderen o zo graag wilden. En wie kon Boris ’s avonds uit gaan laten? Juist ja. Met verwoede pogingen probeert hij zijn sigaret aan te steken maar vanwege de regen is dat een mission impossible. Als Stefan ziet dat de hond zijn ding heeft gedaan loopt hij weer snel huiswaarts.
Net voordat hij zijn straat weer in wil lopen wordt zijn blik gevangen door verlicht slaapkamerraam. Een vrouwelijk silhouet loopt van rechts naar links en laat daar een kledingstuk van haar lichaam glijden. Met een soepele elegante beweging draait ze zich om en dooft het licht. Het is gestopt met regenen.
Iets in hem zegt dat hij nog een stukje door moet lopen, tot onder het slaapkamerraam. Hij kijkt op zijn mobieltje en ziet dat hij zijn vaste rondje al wel erg snel heeft gelopen. Met die wetenschap besluit hij zich semi-verdekt op te stellen onder de boom die voor het huis staat van de dame met de sexy silhouet.
Hij voelt zich enigszins ongemakkelijk en vraagt zichzelf af waarom hij daar überhaupt staat te wachten. En dan, vanuit het niets, een licht zoemend geluid gevolgd door een lange zwoele kreun. Het raam staat nog steeds op een kier maar is te donker om te kunnen zien wat er zich daarboven afspeelt. Het zoemende geluid houdt aan en het gekreun wordt al snel harder en heftiger. In zijn gedachte ligt de dame in kwestie op een paar meter afstand met haarzelf te spelen. En die gedachte windt hem enorm op.
Met gespitste oren volgt hij het gehele erotische hoorspel. Van de opbouw met zacht zoenend geluid tot het naderende einde dat gepaard gaat met een hoger en harder geluid. Zelfs aan het gekreun kan hij donders goed horen hoever ze is. Enkele momenten later bereikt het zoemende geluid zijn hoogste frequentie en met een luide langgerekte kreet van totale ontlading komt de dame in de slaapkamer heftig klaar. Ondertussen is het weer gaan regenen. “Het is daarboven net zo nat als hierbuiten”, dacht hij met een brede glimlach en vervolgt zijn rondje naar huis.


18) Verwarrende lentekriebels

Het geluid van koket tikkende hakjes doen mijn ogen afleiden van de flikkeringen van het blauw licht in mijn handpalm. In een knalrode kleur paraderen ze over het plein. Langzaam dwalen mijn ogen omhoog langs de slanke kuiten naar de rand die vrolijk op en neer deint bij iedere stap. Als ze midden op het plein stilstaat draperen lange donkere haren om haar gezicht als ze in haar handtas rommelt.
Gefascineerd zak ik wat verder achterover, de lentezon aangenaam op mijn gezicht. Als mieren krioelen de overige pleingangers om haar heen terwijl zij haar aandacht richt op het schermpje in haar hand.
Denkbeeldig glij ik verder onder de rand langs haar benen omhoog. Sierlijk maakt ze zwierig een pirouette. Het deel van mij wat ik inmiddels nauwelijks meer onder controle heb begint nog meer invloed uit te oefenen op mijn denkvermogen. Gebiologeerd volg ik alle ronde lijnen die tentoongesteld worden, mijn gedachten zien haar slechts gekleed in rode hakken. Ze hurkt met haar benen gesloten richting het terras en reikt naar de grond, de omhoog geschoven stof onthult een klein detail.
Mijn hand glijdt over haar dij langs de kantrand verder naar boven. Ik duw haar benen uit elkaar en ik glij haar natte zachtheid in. Ik voel het warme geil mijn vingers gulzig naar binnen zuigen, ik lik ze af. Als ik ragout proef kom ik terug in de realiteit, lustvol doopte ik mijn vingers in het krokante bakje op mijn bord.

Wederom heeft de begeerlijke schone haar aandacht gericht op het schermpje in haar hand. Een regenboog aan bruintinten glanst door de lucht als ze uitbundig schaterlacht. Daarna glijdt haar blik wellustig over de stoelen en uitnodigend kijkt ze mij aan. Zelfverzekerd werp ik haar mijn allerbeste glimlach toe terwijl ik uitdagend terugkijk.
Fysiek sta ik paraat om haar de kleren van het lijf te rukken en me diep in haar schoot te begraven. Om de wereld achter ons te laten, volledige weggetrokken in onze genotsbubbel elkaar tot meerdere hoogtepunten te voeren. De rode hakken draaien elegant, haar haren dansen brutaal als ze heupwiegend wegloopt. Deze kans grijpend schuif ik opgewonden mijn stoel naar achteren.
Op dat moment stoot een sportschool typ tegen mijn stoel waardoor ik automatisch erin terug plof. Hij volgt haar zelfverzekerd, het mobieltje nog in zijn handpalm. Het stel verdwijnt uit mijn gezichtsveld, zijn hand op haar kont, mijn opwindende gedachten met hen meenemend.


19) Een troostend gebaar

Zenuwachtig friemelde ze aan haar trouwring terwijl ze stond te wachten. Een moeizame glimlach kon er nog net van af toen ze haar bestelling overhandigd kreeg. Toen ze de deur uitstapte leek ze twijfels te hebben over welke kant ze uit wilde gaan. Onzeker boog ze haar hoofd en verliet mijn zicht. Toen ik zelf de winkel verliet zag ik hoe ze verderop door een raam tuurde.
Haar wangen waren inmiddels nat en haar mascara was uitgelopen. Toen ik haar langzaam naderde kreeg ik door wat haar zo van slag maakte. Ik keek door het raam terwijl de geluiden van genot buiten goed hoorbaar waren. Het luxaflex was niet helemaal goed dichtgedaan en af en toe bewoog het heftig heen en weer. De vrouw verroerde zich niet en bleef star naar het raam kijken ook al zag je dat het haar zeer deed. Ik kon mezelf moeilijk bedwingen. Het geluid van genot en even verderop een bloedmooie vrouw die wel een schouder zou kunnen gebruiken maakte bij mij ook wel wat los na al 3 jaar vrijgezel te zijn. Ik kon haar warme adem al in mijn nek voelen terwijl ik haar perfect gevormde lichaam in mijn handen hield. Zacht fluisterde ik in haar oor terwijl ik de tintelingen in haar lijf kon voelen wanneer ik met mijn hand steeds verder afzakte en het vocht haar lichaam voelde verlaten. Even snakte ik naar adem en besloot opzij te kijken. De vrouw keek me recht aan. Het was het schaamrood op mijn kaken dat verraadde waar ik zojuist met mijn gedachten geweest was. De vrouw veegde de tranen van haar wangen terwijl ze besloot mij de rug toe te keren. Ze liet de broodjes nog achter en verdween vervolgens voorgoed uit mijn zicht.


12 thoughts on “Schrijfmarathon 2017: Ronde 5

  1. Ik heb alle verhalen kort van commentaar voorzien.

    1 – Littlewoods Law – dit verhaal komt niet echt op gang. De schrijver heeft een op zich leuk stramien voor ogen gehad – Littlewoods Law – maar het verhaal past daar gewoon niet lekker in, er is geen logische flow en het komt geforceerd op me over.

    2- Vroege thuiskomst – Dit verhaal is niet erg origineel en ik heb het idee dat ik een dergelijk verhaal (minnaar die zich onder het bed verstopt als de man thuiskomt) al tientallen keren elders heb gelezen.

    3 – Een keurige mevrouw – Dit verhaal bestaat uit een vrij lange expositie – de dame vertelt in details over hoe het vroeger was, niet echt ‘Show Don’t Tell.’ Hier komt bij dat het erg onwaarschijnlijk is dat dit gesprek spontaan of toevallig in de trein ontstaat. De laatste paragraaf is wel interessant, daar word ik als lezer geprikkeld om te fantaseren over deze dame.

    4 – Dagen als deze – Poëtisch, maar ook vol slordigheden en fouten. Twee geliefde moet twee geliefden zijn, toren hoge moet torenhoge zijn, donker zwarte donkerzwarte en zwerf hond zwerfhonden etc. Zeker niet slecht, maar jammer dat het zo slordig is.

    5 – Op de Rand – Een erg origineel concept: de dood die als toeschouwer wacht op het sterven van de ander. Het orgasme als de kleine dood, allemaal prima. Toch pakte het me niet echt, het verhaal is wat afstandelijk opgeschreven. Misschien omdat het moment van sterven te summier is aangegeven? Het zou leuk zijn geweest als de dood wat meer emotie of betrokkenheid met zijn klanten had vertoond of er desnoods zelf geil van was geworden.

    6 – Wandeling in de Nacht: Ik begrijp de openingszin niet. Een steen die als een boog voor hem uitschiet? Hierna kom ik er niet echt meer in.

    7 – As Time Goes By – Heb ik zelf geschreven, benieuwd naar de eventuele reacties.

    8 – Genotvolle maan – Een goed geschreven erotisch verhaal. Ik had wel wat moeite om de tweede dame te duiden. Er zijn dus twee voyeur(se)s? Dat maakt het allemaal wel erg toevallig.

    9 – Buiten de eindeloze zee – Ik begrijp dit verhaal niet goed. Wie is de derde persoon? Waar is de voorbijganger? Het taalgebruik is ook enorm staccato en zeker niet vrij van taalfouten.

    10 Zomers Geluk: dit verhaal is origineel en houdt ook heel mooi dezelfde opzettelijk afstandelijke verteltoon vast. Dat gaat enigszins ten koste van de erotiek in dit verhaal. Maar aan de andere kant is het beeld van de tegemoetkomende fietsster zo sterk neergezet dat het op een of andere manier toch wel werkt. Vreemd maar wel geslaagd. Dit verhaal is een van mijn favorieten.

    11 – Een rookpauze – Dit verhaal is wat onnodig in de verleden tijd geschreven. Waarom is het opgeschreven als een herinnering? Er staan nogal wat slordigheden zo links en rechts verspreid door de tekst.

    12 – Ter Navolging, Tiel – Ik vind dit een erg leuk verhaal, een ontmoeting met twee heksen of Succubi. Wel teken ik aan dat ik moeite had het helemaal voor me te zien. Theo en de vertelster gaan naar Theos huis, Theo neemt de shortcut over het kerkhof maar zij durft niet. Theo blijkt thuis niet aangekomen en dan loopt zij terug naar het kerkhof? Ik vond dat erg ingewikkeld. En kan iemand mij vertellen wat de plaats Tiel in de titel ermee te maken heeft?

    13 – Verstikkende eenzaamheid – De eenzaamheid van de gluurder. Het op zich goede, maar niet zo originele idee is helaas onvoldoende uitgewerkt en het is bij een poging gebleven die om verdere uitwerking vraagt.

    14 – Gevangen in een ogenblik – Heel mooi met veel oog voor detail. Het laat wat ruimte voor eigen interpretatie door de lezer. Ik lees er in dat de man die de hoed opraapt, hem geil tegen zijn kruis aanhoudt. Mij niet helemaal duidelijk waarom er een naaktportret ontstaat van iemand die een jurkje aanheeft. Maar ik kan me wel voorstellen dat zoiets kan gebeuren als de kunstenaar heel stout is of erg veel talent heeft. Erg sfeervol met mooi taalgebruik. Ook mijn favoriet.

    15 In het grote niets: – de uitzichtloosheid van het leven van de man wordt breed uitgemeten als in een klaagzang. Het is daarom voor mij te veel Tell en niet Show en ik denk dat het daarom niet helemaal overkomt.

    16 Gevrij in de alpenwei – Ja dit is leuk beschreven, helemaal ‘camp’ de sfeer van de Tiroler sexfilms uit de vroege jaren 70. Hoogtepunt: ‘Anneliese bewoog zo wild dat haar flinke uiers alle kanten op zwabberden.’ Als dat geen show dont tell is weet ik het niet meer.

    18 – Verwarrende Lentekriebels: De schrijver heeft de lat te hoog gelegd. De openingszin bevat zoveel fouten in taal en beeldspraak dat ik na de eerste paragraaf ben afgehaakt.

    19 – Een troostend gebaar. – Ik vind dit verhaal niet zo geloofwaardig. Beiden blijven staan bij een raam om te gluren en dan pakt de man haar vast waarop zij wegloopt.

    • Jor Adam says:

      Bedankt voor je commentaar op mijn stukje 🙂
      Even ter info, Tiel was het centrum van de Walburga-cultus in de lage landen. De Sint Dominicuskerk heette vroeger de Walburgakerk.
      1 mei is haar naamdag en daaraan vooraf gaat de Walpurgisnacht.

    • Blue Suede Shoes says:

      Dank je voor de feedback luckyman. Ruimte voor eigen interpretatie vind ik belangrijk – fijn dat het overkomt en leuk dat je deelt hoe jij het invult. Er is geen ‘waarheid’ wat dat betreft, je kunt er als lezer zelf uithalen wat je er in ziet.

  2. Ik weet niet hoe het voor mijn collega-auteurs was, maar ik vond dit een lastige opdracht, misschien juist omdat de ‘kaders’ uit de eerdere opdrachten werden losgelaten. Ik weet dat ik vrij beeldend kan schrijven, nu kostte het mij moeite om met een verhaal op de proppen te komen waar ik tevreden over was. Meerder versies hebben de revue gepasseerd en uiteindelijk kom je dan op een een punt dat je er gewoon eentje moet kiezen om niet bij de namen te horen die hun verhaal niet ingeleverd hebben 😉

    Mooi om te zien dat de verhalen steeds beter worden, waardoor de competitie ook zwaarder wordt. Leuk!

    Hieronder mijn feedback op de overige verhalen:

    1) Littlewood’s law – In dit verhaal zitten een aantal zinnen met prachtige beeldspraak. ‘Ochtendkilte die het spoor van dromen versteent,’ ‘loodzware leegte,’ ‘rug kromt tot een sierlijke boog van genot.’ Het leest vlot en weet me van het begin tot het einde te boeien. De laatste zin vind ik ijzersterk. Chapeau. Meteen mijn eerste favoriet.
    2) Vroege thuiskomst – Juist door de dialoog vind ik dit verhaal meer ‘tell’ dan ‘show’ Een kleine poging tot beeldspraak; ‘Je ligt al even zeker, als ik je haar zo zie’ komt op mij gemaakt over. De beginzin geeft al weg waar het verhaal om draait, waardoor het gegeven van de loodgieter niet meer als een verrassing komt. Naar mijn mening maakt in dit verhaal juist de grote hoeveelheid dialoog dat er niet echt aan de opdracht is voldaan.
    3) Een keurige mevrouw – het beeld van de treinreis is mooi beschreven en de ‘beschaamde verlegenheid’ van de vrouw komt mooi naar boven in de dialoog. Sommige zinnen lopen niet helemaal lekker en halen daardoor de vaart weg uit dit verhaal.
    4) Dagen als deze – Het eerste deel vind ik erg mooi. Ik kon de regen en de wind bijna ruiken. Mooi dat je een scene tussen twee mannen gebruikt, dat vind ik best gedurfd. De zin ‘trillende handen verdwenen in elkaars broek’ klopt naar mijn idee niet. In de een-na-laatste zin is een woord vergeten; ‘de voetafdrukken van de twee geliefde(n) (werden) meegespoeld’ – twee is meervoud dus moet het ook geliefden zijn en niet geliefde. Kort na elkaar het woordje ‘lippen’ leest niet mooi. Zwerf hond mag aan elkaar.
    5) Op de rand – Een verhaal beschreven vanuit de ogen van de dood, macaber en toch ook mooi. Ook hier een scene tussen twee mannen. Soms is het onduidelijk wie wat zegt. Dit kun je voorkomen door pas een nieuwe zin te beginnen als een ander personage spreekt. Verder leest het verhaal vlot. Een originele invulling van de opdracht en tweede favoriet.
    6) Wandeling in de nacht – gedachten van personages hoeven niet tussen aanhalingstekens. Veel van de zinnen beginnen hetzelfde; ‘Hij,’ ‘De,’ en ‘Zijn.’ Als je hier meer mee varieert wordt het verhaal naar mijn mening levendiger.
    7) As time goes by – Een vergeten woord; het (oog?) is rood doorlopen. Mooie beeldspraak; ‘streling van hun schaduw’, ‘straatlantaarn die gele gaten brandt in de mist.’ Ik heb altijd geleerd dat tussen twee werkwoorden een komma hoort, maar ik zie vaker dat dit niet gedaan wordt dus ik vraag me nu af of deze regel wel klopt. Hoewel het einde van dit verhaal erg donker en somber is, vind ik het prachtig. Kippenvel mooi. Derde favoriet.
    8) Genotvolle maan – Mine.
    9) Buiten de eindeloze zee – Dit verhaal is erg staccato geschreven en de korte zinnen lezen alsof het ‘opgedreund’ wordt, een rijtje van feiten die niet altijd logisch zijn. Het bedoelde vloeiende van haar bewegingen wordt teniet gedaan door de schrijfstijl van dit verhaal. Een paar kleine d-t foutjes.
    10) Zomers geluk – Wat mij betreft heeft dit verhaal twee kanten. De ene kant is dat ik het een mooi verhaal vind. De andere kant? Het woordgebruik is soms onnodig ‘bombastisch’ en het komt over alsof de auteur mij iets aan het uitleggen is, wat ik niet prettig vind. De laatste zin maakt dit verhaal dan wel weer helemaal compleet. Jonge dame hoort volgens mij aan elkaar, maar misschien is hier bewust voor gekozen dat niet te doen?
    11) Een rookpauze – In grote lijnen vind ik dit verhaal juist heel erg ‘tell’. De beschrijvingen laten weinig over aan mijn fantasie om verdere invulling te geven. Jammer. Vrij kort na elkaar de woorden ‘Genieten van de zon’ vind ik niet mooi. Probeer eens een andere beschrijving.
    12) Ter navolging, Tiel – Hoewel de setting me ergens, met een andere invulling, bekend voorkomt, vind ik dit een origineel en vlot geschreven verhaal. De laatste zin is erg goed gevonden. Leest wat mij betreft als een trein.
    13) Verstikkende eenzaamheid – De allerlaatste woorden van dit verhaal maken de echte beeldspraak die ik verder mis. Eigenlijk best knap 🙂 Toch denk ik dat je er meer van had kunnen maken. Door de woorden te gebruiken die je mag gebruiken (400) had je dit verhaal rijker kunnen maken.
    14) Gevangen in een ogenblik – Heel mooi hoe er in dit verhaal eigenlijk niets gebeurd, maar toch heel veel. Knap gedaan! Vierde favoriet.
    15) In het grote niets – Ik vind het erg bijzonder dat iemand die zijn leven als uitzichtloos ervaart, zichzelf zo pijnigt door te fantaseren over voorbijlopende vrouwen. Dat gaat er bij mij niet in en eerlijk gezegd is mijn interesse daardoor ook meteen verdwenen. De laatste zin maakt dat gevoel bij mij helemaal af. Van het observeren naar meerdere vrouwen ga je vervolgens naar de beschrijving van één enkele vrouw. Susanne komt uit de lucht vallen en haar rol is me niet duidelijke. De zin ‘op het moment toen hij weer zin kreeg…’ klopt niet. Het is ‘op het moment dat…’
    16) Gevrij in de alpenwei – Vanwege het ‘penetrante luchtje’ van Hilde, vermoede ik al dat dit geen vrouw van het menselijke ras zou zijn 😉 Heerlijke zin; ‘Lellebellen willen alleen je ziel en zaligheid én je zuurverdiende centen’ De twist kwam niet echt als een verrassing, desondanks mijn vijfde favoriet!
    17) De luistervink – Grappig verhaal – horen in plaats van zien. Voor mij verder weinig verrassend. Wat kleine, maar toch storende foutjes. Volgens mij moet het ‘het sexy silhouet’ zijn in plaats van ‘de sexy silhouet’. Naar mijn idee is ‘haarzelf’ geen goed woord en kan het vervangen worden door ‘zichzelf’. Een zacht ‘zoenend’ geluid – snelheidsfoutje. In de laatste zin staat plotseling ook verleden tijd. ‘Dacht hij’ waardoor de zin niet lekker loopt.
    18) Verwarrende lentekriebels – Leuk en beeldend verhaal – ‘blauw licht in handpalm’ – leuk gevonden. Grappig ook dat hij lustvol zijn vingers in het ragoutbakje doopt. Het moet type zijn, niet typ.
    19) Een troostend gebaar – De zinsbouw loopt niet lekker in dit verhaal. Ik denk dat je, door gebruik te maken van de maximale woordgrens, meer van dit verhaal had kunnen maken en het daardoor ook meer had kunnen laten zien. Door te zeggen; ‘ook al zag je dat het haar zeer deed’ vertel je het. Als je had beschreven wat er op haar gezicht te lezen stond, had je het laten zien.

    Vijf favorieten na de eerste keer lezen, weer een lastige keus. Ik laat het nog even bezinken.

  3. De opdracht was tweeledig: niet alleen moest het gaan over een toevallige voorbijganger, maar ook moest het principe ‘show, don’t tell’ worden gehanteerd. Ik heb vooral op dat laatste gelet. In hoeverre heeft de auteur dat principe begrepen en toegepast? Zeker geen eenvoudige opdracht, maar daardoor misschien wel een goede oefening voor (beginnende) auteurs? Een aantal van de inzendingen zijn heel fraai, maar voldoen niet geheel of in het geheel niet aan het tweede deel van de opdracht. Mijn punten gaan dan ook naar hen die het beste hebben laten zien dat ze het ‘show, don’t tell’ principe naar mijn mening het best hebben toegepast.

    Allereerst mijn feedback op de verhalen die van mij punten hebben gekregen:

    5. Op de rand: Zeer goed gebruik van het principe ‘show, don’t tell’. Je laat heel vaak impliciet iets ‘zien’ van de omgeving en de gevoelens die dat oproept.Langzaam wordt duidelijk met wie we van doen hebben. Heel erg goed gedaan! – 10 punten

    3. Een keurige mevrouw: Prachtig verhaal. In de eerste zin weet je als lezer direct dat de hoofdpersoon in een trein zit, zonder dat je dat zegt. Dan weet je dat het voorjaar is, door wat de dame zegt. Dit is wat ‘show, don’t tell’ hoort te zijn. Ook wordt de emotie van de situatie duidelijk: het is ongemakkelijk, maar ook opwindend om een ontboezeming van een wildvreemde te horen. Het prikkelt de zinnen van beide personen. Kudos! – 9 punten

    4. Dagen als deze: Prachtige eerste alinea! En daarna wordt het alleen maar beter. Je weet heel goed de gedachten van de hoofdpersoon over te brengen. Je maakt duidelijk wat er gebeurt zonder dat in detail te beschrijven, en dat was precies de opdracht. – 8 punten

    10. Zomers geluk: Een hele verfrissende manier van vertellen, die een goed beeld geeft van wat zich in het hoofd van de hoofdpersoon afspeelt, zonder te verslag te doen van zijn handelingen. Goed gedaan. – 7punten

    1. Littlewood’s law: Ook in dit verhaal laat je veel ‘zien’ zonder te veel prijs te geven. Goed gedaan. Persoonlijk had ik in de tweede zin nog niet weggegeven dat hij op een kerkhofpad liep (dat blijkt later wel). Het is je gelukt om daardoor een grimmige sfeer neer te zetten. Ik moet toegeven dat ik Littlewood’s wet niet kende en heb even gegooglet. Dat moet ook wel, want anders begreep ik het einde niet. Ook zie ik het verband niet tussen de seks op het kerkhof en de belevenis van de hoofdpersoon (anders dan dat nou eenmaal de opdracht was). Het was sterker geweest als het hem aan iets deed denken, een herinnering aan Sophia, misschien? – 6 punten

    7. As time goes by: Je schrijft heel bloemrijk. Bij vlagen is het prachtig en poëtisch, maar hier en daar ook wat surrealistisch en melancholisch. Ik vind het mooi, maar het voldoet niet per sé aan de opdracht (show, don’t tell), omdat het doel (waarvan ik alleen kan vermoeden dat je het had) om de suïcidale gemoedstoestand van de hoofdpersoon te laten zien, niet helemaal is gelukt. De verhanging kwam voor mij dan ook als een complete verrassing. – 5 punten

    12. Ter navolging, Tiel: Wat ik zo jammer vind is dat je het niet kunt laten om dingen te vertellen. Na de eerste zinnen is het al duidelijk dat het zich afspeelt op een kerkhof. Je hoeft dat daarna niet nog te vertellen. Wat ik een beetje mis is de emotie van het tafereel op de toeschouwer. Haar vriendje wordt verkracht/betovert en wat doet dat met haar? – 4 punten

    19. Een troostend gebaar: Je gebruikt wel heel erg vaak het woord ‘toen’. Na de derde keer verloor je mijn aandacht. Zoek naar synoniemen en alternatieven. Hier en daar hanteer je het principe ‘show, don’t tell’ goed, maar op andere momenten weer helemaal niet. Hoewel ik begrijp wat je probeert te vertellen, komt de bedoeling niet helemaal over. Probeer wat meer te spelen met witregels, bijvoorbeeld om duidelijk te maken dat de toeschouwer aan het fantaseren is. – 3 punten

    18. Verwarrende lentekriebels: Wat je goed doet in de opbouw en de afloop van je verhaal is het beeld schetsen van een onbeholpen toeschouwer. Ik vind het alleen jammer dat je hier en daar wat plat en clichématig bent. – 2 punten

    En dan mijn feedback op de overige verhalen:

    2. Vroege thuiskomst: Er is heel veel mis met dit verhaal. Ten eerste is de dialoog niet realistisch (het heeft een hoog ‘Tiroler film gehalte’). Maar ook de zinnen ‘Een onhoorbare zucht ontsnapt aan mijn lippen. Als er iets is wat nou net niet moet gebeuren, is het dat ze bij elkaar in bed kruipen.’; De eerste zin is geschreven vanuit het perspectief van de hoofdpersoon en de tweede in derde persoon.

    6. Wandeling in de nacht: Nog veel ‘tell’ en weinig ‘show’. “Nu loopt hij [..] in de nacht door de stad”. “De kou bijt in zijn nek”. Je hoeft niet te zeggen dat het nacht is als de huizen donker zijn.
    Ook de beschrijving van de seks is meer ‘tell’ dan ‘show. “De mannen, die ook naakt zijn, glijden over de vrouw heen”, etc.
    Dat is jammer, want ondanks dat de gebeurtenis heel spannend is, heb je daarmee onvoldoende aan de opdracht voldaan.

    8. Genotvolle maan: Ook dit verhaal kenmerkt zich meer door ‘tell’ dan door ‘show’. Dat blijkt vooral doordat het geschreven is als een verslag: “hij doet dit en toen deed zij dat en daarna deed ik …).

    9. Buiten de eindeloze zee: Prachtige openingszin in het principe van ‘show, don’t tell’. Je weet direct wat voor weer het is en waar de situatie zich afspeelt, zonder dat te zeggen.
    Wat ik wel jammer vind is de staccato manier van vertellen. Daardoor krijgt het meer iets van een gedicht dan van een verhaal.

    11. Een rookpauze: Dit verhaal leest als een verslag en is bovendien vanaf de eerste alinea al zeer voorspelbaar.

    13. Verstikkende eenzaamheid: Wederom een verhaal met heel veel ‘tell’ en weinig ‘show’. “het is een klamme nacht”, “ik open de kamerdeur en zet de rugtas op een stoel”, “moe val ik op bed”. En dat is alleen nog alinea 1.

    14. Gevangen in een ogenblik: Ik ben een beelddenker. Als ik dit verhaal lees, dan begrijp ik de setting niet erg. Een man staat zich op te geilen aan een hoed, terwijl er een groep mannen om een naaktmodel staan?
    Verder heb je op een aantal cruciale momenten het principe van ‘show, don’t tell’ onvoldoende toegepast. Dat begint al met ‘een zuchtje wind’. Als je had gezegd dat de rieten hoed traag over de kinderkopjes richting de duinen was gerold, dan had je laten zien waar het zich afspeelde en wat voor weer het was. Snap je? Ik begrijp ook dat je de lezer wilt verrassen door als laatste zin ‘Een naaktportret’ te schrijven. Had je dat ook kunnen laten ‘zien’, in plaats van ‘vertellen’?

    15. In het grote niets: De opdracht is ‘show, don’t tell’ en in de eerste zinnen doe je precies het tegenovergestelde. Je vertelt dat hij 45 is, geen zin heeft in het leven en geen werkgever hem wil hebben. Had hem bijvoorbeeld een afwijzingsbrief laten openen. Ik vind de brug van ‘het leven heeft geen zin meer’ naar ‘de tijd doden door naar vrouwen te kijken’ ook heel onlogisch. Het verdere verloop van het verhaal is tamelijk onsamenhangend. Jammer.

    16. Gevrij in de alpenwei: Zo jammer dat je het niet kon laten om in de titel de locatie weg te geven. Daardoor verliezen de eerste twee alinea’s kracht.
    Ik weet niet zo goed wat ik van dit verhaal moet vinden. Het is niet grappig genoeg om een Tiroler te zijn en niet spannend genoeg om geil te zijn. Ik snap je bedoeling om door woordgebruik duidelijk te maken dat deze jongen onervaren en onnozel is, maar dat doe je vervolgens toch weer teniet door het buurmeisje ‘geil’ te noemen. Dat impliceert namelijk dat hij verdomd goed weet waar hij het over heeft. Je had wat meer kunnen ‘showen’. Hier en daar vertel je nog te veel.
    ‘Het leek alsof iemand in nood was’ had je misschien ook kunnen laten ‘zien’ in plaats van ‘vertellen’, door een gevoel van onbehagen te beschrijven die hem in staat van alarmering bracht, ofzo. Maar ook blijkt het gevoel van ongenoegen niet altijd (behalve als je het vertelt). ‘Het beeld was ronduit smerig’; waarom vind de jongen dat smerig? Kreeg hij er een plaatsvervangende vieze smaak van in zijn mond?
    Ik denk dat er meer uit te halen was.

    17. De luistervink: Nog te veel ‘tell’ en te weinig ‘show’. En dat terwijl je verhaal daar heel veel aanleiding toe geeft. In plaats van ‘Het is gestopt met regenen’ kun je ook zeggen dat hij zijn paraplu inklapt en in plaats van ‘ze draait zich om en dooft het licht’ kun je iets zeggen als dat haar silhouet versmelt met een vierkant zwart raam, of zoiets. Verder een Freudiaanse vertyping (zoeNend geluid).

  4. De kwaliteit was weer hoog! Ik heb op elk verhaal een korte reactie geschreven. Voor alle duidelijkheid, dit is een zeer persoonlijk visie. Voel je vooral niet aangevallen, ik heb genoten van elke bijdrage.

    1. Littlewood’s Law
    Mooie constructie, fijn verteld, maar op de één of andere manier kreeg ik het niet kloppend in mijn hoofd, ik denk vooral door de slotzin. Overigens denk ik dat een mens gemiddeld 16 uur per dag wakker is en geen 8 ….

    2. Vroege thuiskomst
    Gevalletje ‘tell, don’t show’
    Het kon me niet boeien, sorry.

    3.Een keurige mevrouw.
    Een van mijn favorieten, mooie opbouw, helder verteld, beeldend. En een rode lippenstiftrand … Liza?

    4. Dagen als deze.
    Hier en daar een klein schrijffoutje, mooi verteld. Het perspectief van het jonge meisje met het beeld wat ze ziet en haar reactie daarop wringt bij mij.

    5. Op de rand.
    Ispahaan revisited. Mooi, weinig verrassend, niet echt erotisch

    6. Wandeling in de nacht
    Hier en daar foutjes in de tekst (glijd+T) Opwindend. Mooi begin van een fijne avond 

    7. As Time Goes By
    Erg goed getroffen beelden, geil en opwindend beschreven maar op de een of andere manier wat afstandelijk. Jammer van het uitleggerige slot.

    8. Genotvolle Maan
    Mijn favoriet deze ronde, pure lust en geilheid, heerlijk geschreven.

    9.Buiten de eindeloze zee

    Ik liet me door het begin van dit verhaal meeslepen maar bleef even later verweesd achter, te brokkelig en een, voor mijn gevoel, niet kloppend eind. Waar ik me ook aan stoorde was senT zou een D moeten zijn?

    10. Zomer geluk
    Binnengeiltje, fijn beschreven.

    11. Een Rookpauze
    Ik geloof dat ik toch niet zo van roken hou … De beschrijving bleef wat mij betreft een beetje klinisch.

    12. Ter Navolging, Tiel.
    Mijn verhaal op een begraafplaats in het centrum van de Walburga-verering in de lage landen. Ik ben een punt vergeten, tsja.

    13. Verstikkende Eenzaamheid,
    Sorry, kon ik niks mee.

    14. Gevangen in een ogenblik.
    Wat een fijne beeldspraken! Ik voel hoe zijn vingers via de hoed haar beroeren. Heel erotisch.
    Wat mij betreft ook een winnaar.

    15. In het grote niets
    Het voelt voor mij als een intro voor een groter verhaal met iets té gemaakte woordkeuze waardoor voor mij haperde.

    16. Gevrij in de alpenwei
    Wat een lekker humoristisch en toch opwindend verhaal, zalige persiflage op de Tiroler porno. Ik zie het zo voor me. De attractie en de weerzin, met die heerlijke punchline ‘huppelde Hilde vrolijk blatend achter hem aan.’, top!

    17. De luistervink
    Mooi idee, maar wat mij betreft niet beelden d genoeg.

    18. Verwarrende lentekriebels.
    Ach weer een opwindend binnengeiltje, mooie details, nét niet bij mijn topdrie.

    19. Een troostend gebaar
    Aardig, maar net niet goed en opwindend genoeg.

  5. Het deelnemersaantal wordt kleiner, het niveau stijgt.
    Mijn bescheiden impressie en misschien hier en daar een minder aardige opmerking.
    Maar…, laat jullie vooral niet ontmoedigen, beste auteurs. Vooral doorgaan.

    1) Littlewood’s Law
    Als eerste heb ik uiteraard Littlewood’s Law opgezocht. Niet dat het iets zou uitmaken voor de inhoud, maar uit nieuwsgierigheid van mijn kant.
    Het verhaal is puur beschreven, geen overdreven metaforen, maar rechtstreeks uit het hart. Subtiele woorden met een overheersende triestheid.
    Zo intens dat ik bij de laatste zin dacht: ik hoop zo op een wonder voor je, jij arme ziel. Als ik meeleef bij een stukje van 400 woorden, kan ik alleen maar zeggen dat de auteur volledig in zijn opzet is geslaagd. Chapeau.

    2) Vroege thuiskomst
    Grappig verhaaltje met een Benny Hill-achtig gehalte. Uiteraard was de clou te verwachten, maar in gedachten zie ik die loodgieter liggen zweten en dan is je opzet zonder meer geslaagd. Top gedaan.

    3) Een keurige mevrouw
    Prachtig, die herinneringen aan vroeger. Heerlijk om te lezen dat de “extra belegen” meisjes van nu, in een grijs verleden ook ondeugend zijn geweest. De zin: “zijn fiere mannelijkheid, die hij haar keurige lippen aanbiedt” vind ik niet alleen briljant gevonden, maar ook super komisch. Top gedaan.

    4) Dagen als deze
    Dit verhaal zou helemaal af zijn, als de “nazorg” beter was geweest.
    Er zitten een aantal fouten in: donkere zwarte hemel / twee geliefden / mijn witte wankele bankje / zwerfhond / poten trapten.
    Wees voorzichtig met het te vaak gebruiken van “En” als je een zin begint.
    Goedbedoeld advies: Controleer je tekst met arendsogen voordat je hem instuurt.
    De inhoud is mooi, maar door de slordigheidsfoutjes verlies je waarschijnlijk kostbare jurypunten en dat is jammer.

    5) Op de rand
    Pas na het lezen van de laatste zin, begreep ik wie IK was, nl. Magere Hein. Geweldig om dit tot het laatst verborgen te houden, want als lezer denk je steeds, wie is die gast, wat is zijn rol in dit geheel.
    Je bent halverwege het woordje “het” vergeten en ik wil je een tip geven:
    “Alleen van de man waarvoor ik hier ben” : waarvoor/waarvan gebruik je bij dingen en dieren.
    Bij personen gebruik je: voor wie / van wie
    In dit geval moet het dus zijn: “Alleen van de man voor wie ik hier ben” (van wie ik hou etc.)
    Verder niets dan lof. Chapeau.

    6) Wandeling in de nacht
    Het verwarrende aan dit verhaal vind ik het gebruik van “hij”. Wie is af en toe wie? Als je het in de ik-vorm had geschreven, was het een stuk duidelijker geweest.
    Het woord “de man” wordt te frequent gebruikt. Gast, vent, kerel, er zijn genoeg synoniemen.
    Hier en daar een komma plaatsen leest ook prettiger.

    7) As Time Goes By
    Zwaarmoedig stuk, maar erotisch en prachtig beschreven. Als lezer loop je op die brug, ziet de soldaat en het meisje staan. De laatste zin was trouwens niet nodig, de boodschap was duidelijk. Verder alle lof.

    8) Genotvolle maan
    Goed erotisch verhaaltje, maar op het eind wijk je af van de opdracht ‘Show, don’t tell’. Jammer, het zou spannender zijn geweest als het koppel uitgebreider was omschreven.

    9) Buiten de eindeloze zee
    De gedeeltes die een sms voorstellen zijn prima, kort en bondig, maar waarom schrijf je de rest van de tekst ook zo? Er zit nl. veel meer in. Helaas verlies je me op het eind door er een derde persoon bij te halen. Dat was niet nodig geweest. Bovendien vind ik dat er niet volledig aan de opdracht is voldaan.

    10) Zomers geluk
    In één woord, een verrukkelijk stukje tekst. Vanaf vandaag schiet ik in de lach als ik op mijn fiets iemand passeer die me aankijkt. Chapeau.

    11) Een rookpauze
    Na twee keer te hebben gelezen, kom ik toch tot dezelfde conclusie. Vergeef me, maar er schort een en ander aan de tekst. Ik zal proberen het uit te leggen.
    In de eerste alinea te veel gebruik van het woord “bos”. De woorden “grasveldje” en “kleedje”, komen kinderlijk over. Twee zinnen achter elkaar die met het woord “Er” beginnen.
    “Stotende bewegingen”, “kreunen”, “sneller”: Ik kan het niet vaak genoeg zeggen: zoek synoniemen. Vooral in korte stukken tekst.
    Begin eens op een nieuwe regel, want soms is het onduidelijk wie “hij” is.
    De intentie van het verhaal is goed, maar een tekst make-over zou het geheel een stuk beter maken.

    12) Ter Navolging, Tiel
    Leuk gevonden, een bestaand kerkhof, Ter Navolging in Tiel. Ik hou van macabere verhalen en jij hebt als datum de overgang van 30 april naar 1 mei gekozen, Walpurgisnacht. Sinister en origineel, compliment.
    Puntje vergeten achter het woord “achterbleef”, maar ik heb volop genoten van die arme Theo. Hijzelf ook, hoop ik…  Chapeau.

    13) Verstikkende Eenzaamheid
    Mooi en erotisch beschreven. Als lezer voel je de opbouwende spanning en je weet wat het eindresultaat zal zijn. Toch raffel je het niet af, maar gaat mee op het ritme van de buren.
    Prima gedaan, het leest lekker weg.

    14) Gevangen in een ogenblik
    Je maakt van een hoed een erotisch object en dat doe je ongelooflijk goed. Knap hoe je het voor elkaar krijgt om dit zo te beschrijven. Chapeau.

    15) In het grote niets
    Depri stukje, maar anno 2017 komt dit relaas helaas vaker voor dan men denkt.
    Compliment hoe je de gedachten van zowel hem als haar beschrijft.
    Het woordje “ze” vergeten in de zin: “In die fantasie wilde hem graag ontmoeten”, maar dat vergeef ik je. Verder alle lof.

    16) Gevrij in de alpenwei
    “Kom met je Waldhoorn tussen mijn Alpen”, was de eerste gedachte die in me opkwam bij het lezen van dit verhaal. De sfeer van de grappige Tirolerfilms uit de jaren 70/80 wordt goed verwoord. De domme boerenzoon en de geile boerendochter. Heerlijk jeugdsentiment. En dat schaap? Geweldig. Chapeau.

    17) De luistervink
    Grappig verhaaltje dat elke hondenuitlater kan overkomen. (They wish) Wel een paar foutjes in je tekst:
    gevangen door verlicht slaapkamerraam (“een” vergeten)
    de sexy silhouet (het sexy silhouet)
    met zacht zoenend geluid (het kan, maar ik denk dat je zoemend bedoelt)
    De laatste zin: Als je iets denkt mag dit niet tussen aanhalingstekens en gezien de hele tekst in TT staat, moet “dacht hij”, in dit geval “denkt hij” zijn.

    18) Verwarrende lentekriebels
    Heerlijk verhaal. Ik zie een beginnende veertiger voor me die deze gedachten heeft. Die denkt kans te maken bij een jonge bloem. Ach, die penopauze van mannen, tis me wat.
    Super geschreven en een geweldig eind. Chapeau.
    Let wel op je komma’s. Ik mis er hier en daar.

    19) Een troostend gebaar
    Jammer dat je verhaal abrupt eindigt, want het smaakt naar meer.
    Ik had graag gelezen wat haar gedachten waren. Misschien zelfs een opmerking waarom hij naar haar stond te staren etc. Er zit veel meer in dit verhaal en je hebt nog genoeg ruimte. Doodzonde dat je daar geen gebruik van hebt gemaakt, want het is zonder meer goed.

    Op naar ronde 6.

  6. 1) Littlewood’s Law
    Mooi beschreven. Filmisch ook. Je ziet het vóór je ogen gebeuren. Vind de inhoud wel een beetje cliché.
    2) Vroege thuiskomst
    Voldoet volgens mij niet echt aan de opdracht. Wel leuke clou.
    3) Een keurige mevrouw
    Voldoet volgens mij ook niet echt aan de opdracht. Waar is de toevallige voorbijganger in dit verhaal?
    4) Dagen als deze
    Prachtig geschreven verhaal over de liefde tussen twee mannen. Komt ook niet vaak voor. Wel jammer van de tikfout.
    5) Op de rand
    Geestig…!
    6) Wandeling in de nacht
    Titel belooft een spannend erotisch verhaal. Maar de lezer die dat denkt komt bedrogen uit. Beetje cliché verhaal. Staat ook een taalfout in. Slordig.
    7) As Time Goes By
    Ben geen fan van Engelse titels voor een Nederlandstalig verhaal. Vind Nederlandse speelfilms met een Engelse titel ook vreselijk. Heb erg veel moeite als een mannelijk lid een ‘lul’ wordt genoemd. Dat is nog altijd een penis.’lul’ gebruiken is een beetje popi jopie taalgebruik.
    8) Genotvolle maan
    De boodschap van dit verhaal ontgaat me totaal. Waar is de clou?
    9) Buiten de eindeloze zee
    Filmisch. Lekker kort en krachtig geschreven. Jammer van het Engelse taalgebruik voor een Nederlandstalig verhaal. Schoenmaker…
    10) Zomers geluk
    De zomer brengt zoveel moois…
    15) In het grote niets
    Woordje vergeten. Maar dat overkomt de besten.
    16) Gevrij in de alpenwei
    Vrouwenborsten uiers noemen is hetzelfde als het mannelijk lid een lul noemen. Beetje popi jopie taal. Dat hoort niet.

  7. Hoewel de schrijvers bij deze opdracht meer vrijheid hadden, was het zeker geen makkelijke opgave. ‘Show, don’t tell’ toepassen is lastig, dat weet ik uit ervaring en ik wil alle schrijvers complimenteren met hun poging. Voor mij waren er deze ronde een aantal inzendingen die eruit sprongen, deze licht ik hieronder toe.

    10 punten: As time goes by
    Prachtig verhaal! Het ‘show, don’t tell’ principe is op sublieme, bijna poëtische wijze uitgewerkt. Dit is de enige inzending waarin het fenomeen ‘toevallige voorbijganger’ ook een hele knappe invulling krijgt. Daarbij is het verhaal ook nog eens zeer erotisch. Compliment!

    9 punten: Gevangen in een ogenblik
    Hoewel het begin van dit verhaal nog iets te ‘vertellerig’ is, vind ik de erotische lading zo mooi dat ik dit verhaal op de tweede plek heb gezet. De erotiek is heel impliciet, de man bemint haar op afstand door middel van het hoedje, maar daarom niet minder opwindend. Top!

    8 punten: Gevrij in de alpenwei
    Op het eerste gezicht gewoon een hilarisch verhaal. Maar toen ik het vaker las, drong het tot me door hoe knap de schrijver erin is geslaagd door de manier waarop hij de waarnemingen verwoordt, een heel sterk beeld van de toeschouwer neer te zetten.

    7 punten: Littlewood’s law
    Ook in dit verhaal is het ‘show, don’t tell’ principe heel goed uitgewerkt. Op sommige plekken is het verhaal bijna filmisch. Het is absoluut een knap en origineel verhaal. Toch vind ik de tegenstellingen: leven – dood, hoop – wanhoop, een klein beetje geforceerd aandoen, waardoor het minder invoelbaar wordt.

    6 punten: Zomers geluk
    Product van een originele geest! Wat een leuk en lichtvoetig verhaal. Goed geschreven en zeker ook erotisch.

    5 punten: Op de rand
    Mooie insteek bij dit verhaal om te kiezen voor ‘de dood’ als toeschouwer. Alleen had ik de clou al door na het lezen van de eerste twee zinnen. Strikt genomen gaat het hier ook niet een ‘toevallige’ voorbijganger. Maar goed geschreven en zeker punten waard.

    4 punten: Ter navolging, Tiel
    Bizar verhaal. Ik ben persoonlijk niet zo van de horroreffecten, maar dit verhaal is goed geschreven en blijft boeien.

    3 punten: Dagen als deze
    In dit verhaal wordt de sfeer heel mooi neergezet, maar naar mijn mening wel iets te uitgebreid. Dit gaat ten koste van het erotiek gedeelte. Leuk dat is gekozen voor een ontmoeting tussen twee mannen, maar ook dit met dit gegeven wordt in het verhaal niet genoeg gedaan.

    2 punten: Buiten de eindeloze zee
    Ik heb dit verhaal het vaakst gelezen van allemaal, omdat ik niet wist wat ik ermee aan moest. Het is niet echt een verhaal, maar meer een verzameling impressies die samen wel een verhaal vertellen. De lezer moet zelf veel dingen invullen. Dit is heel erg ‘show, don’t tell’, maar maakt het ontoegankelijker voor de lezer. Het pakte me wel. Mixed feelings dus over deze inzending.

    Geen punten, maar wel een eervolle vermelding voor het verhaal “Een keurige mevrouw.” Een heel mooi geschreven verhaal dat me ontroerde. Ik vond het alleen niet genoeg ‘show, don’t tell’. Dialoog kan bijdragen aan het laten zien van emoties, maar een valkuil is dat je je personages het verhaal laat ‘vertellen’ via de dialoog. En dat is in mijn ogen teveel het geval bij deze inzending.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *